De Viool

De viool is een snaarinstrument met vier snaren. Het is het kleinste lid van de vioolfamilie, en heeft het hoogste bereik. De klank wordt voortgebracht door de vioolsnaren in trilling te brengen met een strijkstok(zie ook arco), of door te tokkelen met de vingers (pizzicato). De houtenklankkast dient om het geluid van de trillende snaren te versterken. De viool wordt doorgaans bespeeld door het instrument tussen kin en schouder te klemmen en met de vingers van de linkerhand de snaren af te drukken tegen de ebbenhouten toets om zodoende de snaar te verkorten (en dus hoger te doen klinken).

Wie de eerste viool heeft gemaakt is onbekend. Algemeen wordt aangenomen dat de viool rond 1550 in ItaliĆ« ontstond in de vioolbouwcentra Brescia en Cremona. In de middeleeuwen bestonden er veel verschillende snaarinstrumenten. Sommige werden getokkeld, zoals de luit, andere werden gestreken, zoals de vedel en de rebec, een smal peervormig instrument. Ook de elegante lira da braccio, die al de vorm van de huidige viool had, kan als een voorloper worden beschouwd.

Alhoewel de viool een traditioneel instrument lijkt, heeft ze mettertijd veel veranderingen ondergaan. Vele vioolbouwers experimenteerden met eigen ontwerpen met het doel de akoestische eigenschappen van het instrument te ontrafelen.

De viool speelt een belangrijke rol in veel muzikale tradities; vooral in Europa, weliswaar minder in ItaliĆ«, Spanje en Portugal. Ook in Canada, de Verenigde Staten en Mexico is de viool erg populair. Sommige tradities kennen zelfs eigen varianten op de viool, zoals de Noorse Hardangerviool en de Zweedse Nyckelharpa.

Bron: Wikipedia / http://nl.wikipedia.org/wiki/Viool (vrijgegeven onder CC-BY-SA en/of GFDL)